Ingrediënten 30 gram sjalot 100 g gerookte zalm,
dun gesneden ½ Turks brood 3 eetlepels olijfolie 30 gram rucola, gewassen 20 gram roomboter ½ teentje knoflook 8 takjes kervel
of een ander kruid (garnering) peper
uit de molen, vers gemalen
Bereiding Pel de sjalotten, halveer ze en snijd ze in hele dunne ringen (het wortelgedeelte van de sjalot niet mee snijden want deze is een beetje bitter). Verwarm de olijfolie met de boter in een pan en pers het halve teentje knoflook erboven uit. Snijd het Turkse brood in acht gelijkmatige plakjes en besmeer deze met het olie- en botermengsel. Bak de broodjes in een voorverwarmde oven op 180 °C in ongeveer 7 minuten tot de broodjes goudbruin van kleur zijn. Beleg de afgekoelde croutons met een beetje rucola, een plakje gerookte zalm en wat sjalottenringen. Garneer met een kruidentakje. Tips: De sjalot onder water pellen zorgt voor minder irritatie aan de ogen. De sjalot snijden met een scherp mes, dit vermindert irritatie aan de ogen tijdens het snijden: in alle sjalotten- en uiensoorten zitten oliën die vrij komen, doordat de cellen kapotgesneden worden. Met een scherp mes blijven deze cellen heel. Dus nooit een sjalot of een ui hakken maar altijd snijden! De croutons af laten koelen op het aanrecht en niet in de koelkast, anders worden ze zacht. Bewaren in een luchtdicht afgesloten bak.