Van botersla tot little gem
Botersla en kropsla hebben zacht blad en vragen een lichte dressing. IJsbergsla en little gem zijn stevig en houden een dikke saus. Romaine is de sla voor caesar, omdat de nerf overeind blijft. Veldsla, rucola en eikenblad brengen vooral smaak: nootachtig, peperig of bitter.
Onderdompelen en zwieren
- Los in koud water: dompel de blaadjes onder en laat het zand naar de bodem zakken. Til de sla eruit, giet niet af, anders spoelt het zand er terug op.
- Twee ronden zwieren: een halfvolle slacentrifuge droogt beter dan een volle. Wat achterblijft dep je met een doek.
- Scheuren: zacht blad loopt langs het mes bruin aan, met de hand gescheurd blijft de rand heel.
Dressing pas op het laatst
Zout en zuur trekken vocht uit het blad, dus meng pas als de kom op tafel staat. Neem minder dressing dan je denkt en schep van onderaf om, tot elk blaadje een dun laagje heeft.
Hij blijft ademen na de oogst
Een krop die los in de koelkast ligt is binnen een dag slap. Wikkel hem in een vochtige doek of een papieren zak in de groentela, dan houdt hij een kleine week. Slap blad komt in een kwartier ijswater vaak terug; zwarte, glazige randen niet meer.
738 recepten
12 van 738 recepten bekeken
