
Stijf als een plank
Een verse makreel ligt recht en veert terug als je hem bij de kop optilt; hangt hij slap over je hand, laat hem dan liggen. De huid glanst strak, de blauwgroene tekening is nog scherp en hij ruikt naar zeewater. Bak hem dezelfde dag.
Het vet verdraagt hoog vuur
- Insnijden: kerf de dikke kant twee of drie keer tot op de graat, dan gaart hij gelijkmatig en kun je er zout en citroen in kwijt.
- Op de grill: drie tot vier minuten per kant op hoog vuur; zijn eigen vet houdt hem sappig.
- Uit de oven: een kwartier op 200 graden voor een hele vis, klaar zodra het vlees bij de rugvin loslaat.
Gerookt is een andere vis
Warm gerookte makreel is al gaar en hoeft alleen open. Het vel trekt er in één beweging af, de filets komen heel van de graat en de donkere laag daaronder smaakt het sterkst; die schraap je weg of laat je zitten. Door yoghurt met mierikswortel hoeft er geen zout meer bij.
Wat het vet in evenwicht houdt
Tegen zo veel vet zet je zuur en scherpte: mosterd, appel, augurk, rode ui of een halve citroen die je meegrilt. Aardappel eronder vangt de rest op.
59 recepten
12 van 59 recepten bekeken
