Bewaarwijze van voedsel

Wie eten en drinken goed bewaart, geeft bacteriën weinig kans. Grofweg heb je drie mogelijkheden: buiten de koelkast, in de koelkast of in de vriezer. Een overzicht van wat waar hoort, en waarom.

Drie basisregels verlengen de houdbaarheid van al je boodschappen:

  • Volg het bewaaradvies op de verpakking.
  • Houd koelkast, vriezer en voorraadkast schoon.
  • Verpak alles goed, zodat producten elkaar niet kunnen besmetten.

Buiten de koelkast

Staat er “koel bewaren” op het etiket, dan is een donkere, droge plek van 15 tot 20 °C ideaal: de kelder, een keukenkastje of een koele voorraadkast. Ongeopende producten met een THT-datum kun je in principe allemaal ongekoeld wegzetten. Bij “gekoeld bewaren” hoort het product tot gebruik in de koelkast (4-7 °C); denk aan gepasteuriseerde zuivel.

Na openen hangt het van het product af. Droge waren als meel, rijst en pasta gaan goed afgesloten terug de kast in. “Natte” producten zoals augurken, (halva)jam en sandwichspread horen na opening in de koelkast als er “na openen gekoeld bewaren” op staat; bij “na openen koel bewaren” volstaat de kelder of een koele kast.

Let er ook ongekoeld op dat het niet warmer wordt dan zo’n 20 °C. Brood, groente, fruit en roggebrood bederven sneller bij hogere temperaturen, en pinda- en maïsproducten, noten, specerijen en granen kunnen schimmelen of rans worden; bewaar die dus ook droog.

In de koelkast

Bij 4 tot 7 °C wordt de groei van bacteriën en schimmels geremd. Bederfelijke producten horen er altijd in: rauw vlees en rauwe vis, vleeswaren, slagroomgebak, zachte kaas, gesneden groente, en ook eieren. Zeer bederfelijke producten dragen een TGT-datum (’te gebruiken tot’): daarna eten is riskant. Een THT-datum (’tenminste houdbaar tot’) zegt alleen iets over kwaliteit; daarna kan smaak, geur, kleur of vitaminegehalte teruglopen, maar gevaarlijk is het product niet meteen.

Handige indeling:

  • Benut de temperatuurverschillen: bederfelijk op de koudste plek, frisdrank en bier op de minst koude. Bij een koelkast met *** of ****-vriesvak (koeling in de achterwand) is dat achterin en onderin, boven de groentela; bij een * of **-model met vriesvak bovenin zit de koudste plek boven achterin.
  • Houd bereid eten gescheiden van rauwe producten en dek bereide gerechten af met een deksel of folie: dat remt bacteriegroei én voorkomt uitdrogen.
  • De groentela is prima voor ongesneden groente en fruit, zonder aparte verpakking.
  • Leg alles wat kan lekken (rauw vlees, rauwe vis) onderin, en nooit boven toetjes of salades.

Maak de koelkast minstens één keer per maand schoon met een sopje en een schoon vaatdoekje, het liefst wanneer hij bijna leeg is. Parkeer de inhoud zolang in een koelbox met koelelement en droog de koelkast na met een schone doek.

De juiste temperatuur

In veel koelkasten is het te warm. Mik op 4 tot 7 °C, en liever dicht bij de 4. Zo pak je dat aan:

  • Hoe hoger het cijfer op de thermostaatknop, hoe kouder. Ongeveer 60% van de schaal volstaat meestal (stand 3 van 5, of 6 van 10). Zorg wel dat de motor zijn warmte kwijt kan.
  • Veel boodschappen tegelijk? Zet de koelkast tijdelijk een standje kouder: hoe voller, hoe langer het duurt voor alles weer op temperatuur is.
  • Zet nooit warm eten in de koelkast: laat kliekjes eerst afkoelen. Doe de deur ook meteen weer dicht.
  • Ruim producten direct na gebruik weer op. Schenk melk in een beker in plaats van het pak op tafel te laten staan: één uur buiten de koelkast kost al een dag houdbaarheid.
  • Controleer de temperatuur af en toe op verschillende plekken met een koelkastthermometer, bijvoorbeeld ’s ochtends na een nacht dichte deur.

Stroomstoring

Valt de koeling uit, dan loopt de temperatuur langzaam op. Zijn bederfelijke waren warmer geworden dan zo’n 7 °C, gebruik ze dan meteen. Boven ongeveer 10 °C kun je de inhoud veiligheidshalve beter weggooien, met uitzondering van ongeopende flessen en pakken sap.

In de vriezer

Invriezen remt of stopt de groei van schadelijke bacteriën. Richtlijnen:

  • Houd de vriezer op -18 °C of kouder en vries diepvriesproducten na aankoop snel in.
  • Laat warm eten eerst afkoelen tot kamertemperatuur.
  • Stop niet te veel tegelijk in de vriezer en houd de porties klein.
  • Ontdooi bevroren producten in de koelkast (of in de magnetron), zodat ze niet te snel opwarmen.

Het vriesvak van een gewone koelkast is een stuk minder koud dan een losse diepvries en is daarom alleen geschikt om diepvriesproducten enkele dagen te bewaren.

Koop je iets zonder verpakking, vraag dan de verkoper om bewaaradvies.

Bron: Voedingscentrum (voedingscentrum.nl)

Tot kokens,
toineke

By: toine Krijnen

Categorie: ,

Delen: Pinterest

Inhoud melden

Klopt er iets niet, of staat hier iets dat er niet hoort? Vertel ons wat er mis is. Een mens leest je melding en je krijgt bericht over wat we ermee doen.