Ingrediënten 100 g knolselderij 2 eetlepels sojasaus 100 g bloemkool 1/2 cm geraspte gemberwortel 1/2 rode paprika 1 theelepel kerriepoeder 100 g savooienkool snufje cayennepeper 4 jonge uitjes zout 50 g taugé 3 eieren 1 teentje knoflook 7 eetlepels bloem 1 eetlepel gemalen koriander plantaardige olie
Bereiding Maak de groenten schoon en was ze. Rasp de wortel, selderij en bloemkool grof in de keukenmachine met raspplaat. Snijd de paprika in kleine blokjes. Snijd de savooienkoolbladeren in dunne reepjes en de jonge uitjes in fijne ringetjes. Bereidingswijze 20 minuten Doe alle groenten in een grote kom, voeg taugé, knoflook, koriander, sojasaus en de kruiden toe en meng het geheel zorgvuldig. Roer afwisselend de eieren en de bloem erdoor. Laat het groentedeeg 30 minuten rusten, controleer hierna of het deeg kneedbaar is. Als dit niet het geval is, meng er dan nog wat bloem door. Verhit ruim olie tot 175° C in diepe pan of wok. Schep een beetje deeg op een eetlepel, vorm balletjes en bak ze in het hete frituurvet in circa 6 minuten bruin en knapperig. Bak niet te veel balletjes in één keer, omdat de olie anders te veel afkoelt. Schep de balletjes met een schuimspaan uit de olie en laat ze op keukenpapier uitlekken. Serveer de balletjes met een hartige zoetzure saus of met een yoghurtsaus